| Boeterecht |
|
Deze zaken vertonen een grote gelijkenis met fiscale en economische zaken. Maar met die uitzondering dat op bestuurlijke boetes volstrekt andersoortige regels van toepassing zijn. Er is geen sprake van een zaak waarbij je publiekelijk moet verschijnen bij de strafrechter, maar van een schriftelijke beslissing, gevolgd door een bezwaarprocedure bij het boete-orgaan zelf. Pas daarna kan de zaak in beroep aan de bestuursrechter worden voorgelegd. Opvallend is ook dat veel rechten van de verdachte in het boeterecht (bestuursrecht) slechter ontwikkeld zijn, dan in het strafrecht. De regels omtrent inzage in dossiers en het houden van getuigenverhoren zijn bijvoorbeeld naar ons oordeel onder te maat. Daardoor zijn deze zaken procedureel bezien in wezen gecompliceerder dan strafzaken. Ook van belang is dat de bewijslast in het boeterecht minder zwaar is/lijkt dan in het strafrecht. In het strafrecht staat de onschuld vast totdat de schuld in rechte is bewezen. In het boeterecht lijkt het bestuursorgaan en ook de rechter genoegen te nemen met een bepaalde mate van "aannemelijkheid". Het boeterecht is door de wetgever in het leven geroepen om de afdoening van zaken te vereenvoudigen. Dit geldt zeker voor de boete-organen zelf; maar geenszins voor degene die met een dergelijke boete te maken krijgt. Om in deze zaken uw gelijk te krijgen, is bijstand van een vakkundig advocaat essentieel. Mocht u met een bestuurlijke boete worden geconfronteerd, dan kunt u zich wenden tot mr. R. Hörchner en mevrouw mr. M. de Vries.
|
